
Wanneer een groep iets wil bereiken, bepalen twee elementen het resultaat : de omschrijving van het doel, en de omgang met de meest kwetsbare schakel. In de derde aflevering van Voorbij de Grens is mooi te zien dat deze groep het op beide punten erg lastig heeft. Vooral Pieter is iemand die de groepsgeest en vooral de missie van deze tocht en zijn reisgenoten onvoldoende aanvoelt.
De vraag ‘wat te doen als er iemand afvalt’ zegt veel over wat hij denkt, over de aanvaarding van zijn handicap en zijn negatieve beeld van zijn reisgenoten. De doelstelling is (tenminste voor de kijkers) ‘met tien boven geraken’. Mocht de doelstelling anders zijn, dan zouden ze ook individueel ‘om ter eerst’ (zoals de kindjes) op de top kunnen proberen te geraken.
De belangrijkste vraag, die Pieter pas te laat stelt, is hoe de meest kwetsbare personen in de groep zo efficiënt mogelijk geholpen kunnen worden zodat het doel bereikt wordt. Zijn antwoord daarop is zeer onhandig: anderen uitputten totdat ze neervallen. Hij voelt zich dan ook terecht schuldig wanneer hij merkt dat Vincent door hem zodanig opgejut is dat hij instort. Er is weinig ruimte voor communicatie binnen deze groep, zo lijkt het. Er wordt wel gesproken over de persoon of personen die vertragen, maar niet met hem. Hoe was dat adagio ook weer ‘nothing about us without us’, ’spreek niet over ons, met ons’ ?
Een aantal details vallen alweer op tijdens deze aflevering. Dat doet soms wat afbreuk aan de geloofwaardigheid van het geheel. De deelnemers klimmen tot aan de voet van de krater, waar ze zullen overnachten. Behalve dat de enscenering van de klim (de manier op, de paarden, de ineenstorting van Vincent) sterk doet denken aan voorvallen in Beyond Boundaries 1 (de BBC-format op basis waarvan deze tocht gemaakt wordt), merk ik dat als Sylvie bovenkom, ze op een lege vlakte gaat zitten. Ze heeft niets bij zich, noch de anderen, noch ligt er iets van materiaal om te overnachten op de paarden. Maar als ze de volgende morgen ontwaken, staan er tentjes.
Ik kan mij maar niet van de indruk ontdoen dat alles zorgvuldig geregisseerd is. Ver weg van het barre dagelijkse leven. Ver weg van de saaiheid van de realiteit. Onder de loden zon. Aan de voet van de machtige vulkaan. De groep van Voorbij de grens is klaar voor de ‘mission impossible’. De tocht die hun leven gaat veranderen. Hopen enkelen onder hen stiekem op de neerdaling van de Maagd Maria op de top zodat ze weer zal doen lopen, horen, voelen, zien … misschien zelfs helder denken ? Wie weet. Ik gun het hen van harte, maar de kans dat ze aan de andere kant in de afgrond vallen, is in de praktijk veel groter.
Ook door allerlei andere details (aankleden, verzorgen, wassen) lijkt het of een hele entourage het gezelschap ondersteunt, waardoor dit eerder een luxe-survival lijkt. Het doet me wat denken aan de rijken der aarden die ‘overlevingstochten’ organiseren in de woestijn met 4X4’s, niet zonder stil te vallen en enkele uren alleen te zijn in de woestijn, en dan in luxehotels overnachten. En dan achteraf maar vertellen hoe zwaar het was.
Ook de rol van de dokter valt op. De dokter die een berg opklimmen medisch gezien enorm interessant vind. Zo groeien spieren volgens hem. Ik ben zelf in revalidatie geweest, en heb toch andere dingen gehoord. Hij lijkt me ook erg paternalistisch. Ik vraag me ook af of er een dokter aanwezig zou zijn mochten er mensen zonder handicap die berg op gaan. Voor mij is de aanwezigheid, zeker in beeld, van deze dokter een blaam en zegt ze meer over beeldvorming dan de hele uitzending.
Bijna iedereen is op dit moment al eens extra in beeld gebracht. De boekhouder die langzaam maar zeker blind wordt, maar te fier is om met een blinde stok met zijn zoontje naar school te gaan. De dove grootvader die geïsoleerd raakt in de groep. De café-bazin die door een verkeerde operatie in een rolstoel beland. De dwerg-maatschappelijk assistente die schrik heeft voor intimiteit met grote mensen. En dan de mannen van het ongeval, de een in een Brussels viaduct gestort, de ander in de gracht gereden door een vrachtwagen. Beiden met een vriendin. Die tijdens de moeilijke momenten gebruikt wordt als beeld om zich op te focussen.
Anita komt deze keer in het licht te staan, een van de meest tragische figuren binnen deze reeks, vind ik. Uit haar portret maak ik op dat ze een café-bazin in een rolstoel is, wiens voornaamste troef haar sociale omgang op basis van fysiek was, en die nog een behoorlijke carrière-verwachting in zicht had. Het is begrijpelijk heel moeilijk voor haar om enerzijds te aanvaarden dat haar waarde binnen haar omgeving hierdoor een stuk gezakt is en anderzijds om de switch te maken van gevoel in de benen naar gevoel in het hoofd. Het zal Anita heel wat energie kosten om een innerlijk leven op te bouwen. Voorlopig kan ze alleen pseudo-optimisme en gemaakte vrolijkheid opbrengen. Ooit zal ertoe komen haar kwetsbaarheid te willen tonen en hulpmiddelen te waarderen, zoals Henk (die zijn energiebeheer in de hand heeft en hulp van paarden toestaat). Geen dankbare opdracht in een horecamilieu, toch niet het meest tolerante milieu.
Zonder twijfel is deze serie, ook al zijn we nog maar drie afleveringen ver, erg waardevol. Daarmee heb ik niet gezegd dat ze bijdraagt tot de positieve beeldvorming. Daarvoor zou er een gemengde groep mensen met en zonder handicap moeten zijn, en niet mensen zonder handicap in een bevoorrechte rol, zoals fotografe of dokter. Bovendien zou er geen assistentie mogen zijn van de dokter onderweg en zouden er geen hulpmiddelen als paarden mogen zijn. Wie niet meer vooruit kan, moet zelf teken geven dat hij eruit wil stappen. Op vlak van survival is het nu eerder aandoenlijk en komen sommige mensen op ‘t randje zielig over.
Maar los daarvan, en los van de natuurbeelden, zegt Voorbij de grens mij enorm veel over de handicap-identiteit van elk van deze mensen. Het kan zijn dat een vulkaan beklimmen een innerlijk proces stimuleert. Een heleboel pelgrims in het verleden deden het hen voor, en schreven er een reisverhaal over. Misschien mogen we dat ook nog verwachten, en met wat duiding liefst. Dat zou alvast wat meer kwetsbaarheid tonen, maar voorlopig is dat niet mediageniek genoeg.
Met kwetsbaarheid bedoel ik dan niet tranen of pathos, maar op een positieve manier over je handicap durven spreken. Bovendien zegt de uitspraak ‘ze kunnen toch iets’ ook al heel wat. Ook de reacties op fora zeggen veel. Als ik het forum van Voorbij de grens bekijk, zie ik vooral betuttelende reacties, al dan niet van opvoeders en orthopedagogen in opleiding. Het zijn schatjes, engelen, helden, … die meteen in de arm genomen worden, een schouder toegereikt krijgen.
Voorlopig wordt er niemand naar huis gestuurd, maar de onderlinge aanvaarding is zeer beperkt. Sylvie & Sam springen er volgens mij nog steeds uit als mensen. Sam is ook degene die het meest trots lijkt op zijn handicap, hoewel hij ze ook vakkundig weet weg te steken. De one-liner van Sylvie zegt anderzijds meer dan de hele uitzending samen. ‘Kijken naar wat je hebt, dat is de kunst’. Als dat maar genoeg is.
Posted by kirayoshi on september 19, 2008 at 2:26 pm
Ik kan mij niet uitspreken over de serie, want ik heb het niet gezien, maar ik denk dat reality tv en bij uitbereiding alle televisie, niet zonder enscenering bestaat, bij het ene al wat meer als bij het andere.
Het “echte leven zoals het is” ga je alleen terugvinden in de anonimiteit, waar geen camera’s zijn.
Posted by martijn on september 19, 2008 at 3:26 pm
Dat is inderdaad zo. Evenmin als de mensen zonder handicap die in Expeditie Robinson spelen, zijn de mensen (ook al hebben ze een handicap) in Voorbij de grens helden of modellen. Ik denk dat de discussie daarrond draait, vooral in de beweging van mensen met een handicap. Voor de overheid natuurlijk wel, omdat die minder geld kosten, maar da’s een ander verhaal.
Ter info : De serie loopt nog op Eén, elke maandagavond vanaf 20u, en elke dinsdagmorgen is er heruitzending om 9u.