Mensen helpen mensen. Zoveel is duidelijk bij mijn aankomst in het Provinciaal Noord-Zuid Centrum in Roeselare.
Ik ben zojuist immers door een wirwar van (afgezette) straten geloodst. De middenstand heeft Roeselare bezet, en dat zal ik geweten hebben. Gelukkig zijn er nog ‘joenge gasten’ van het MPI Sterrebos, en een paar mannen in elektronische rolstoel, die mij ter plekke brengen. Zonder hen en met alle omleidingen en afgezette straten hadden mijn gps en mijn oriëntatievermogen allang de hoop opgegeven. Jammer genoeg waren er geen jongeren die ons, door het treinongeval in Roeselare, naar huis konden voeren.
In het Centrum ben ik te gast voor de vertoning en nabespreking van ‘Zo zijn onze manieren’, een film van het VGPH die toont hoe personen met een handicap de regie over hun leven in eigen handen kunnen nemen. Met dit initiatief wenst VGPH West-Vlaanderen de basis van inbreng ook te verbreden.
Goeie ontvangst
Erg groot is de opkomst niet echt. Aan de organisatie zal ‘t niet liggen, aan de locatie evenmin. Misschien aan het weekend, de koopjesdagen in het centrum, een paar virussen die de ronde doen. Of gewoon omdat geëngageerde mensen met een handicap doorgaans al een drukke agenda hebben.
De film
‘Zo zijn onze manieren’ bestaat uit vijf portretten. Niet zozeer de handicap of beperking, wel wat voor de vijf mensen hun kwaliteit van leven bepaalt, staat centraal. In ‘zo zijn onze manieren’ spelen de ‘acteurs’ telkens de hoofdrol in hun eigen leven, maken keuzes die gerespecteerd worden, en krijgen daarvoor de nodige ondersteuning, ondermeer door alledaagse mensen, maar ook door professionelen die daarvoor gesubsidieerd worden.
Bart rijdt met zijn elektronische rolstoel van hot naar her, woont in Focus Wonen, doet verdienstelijk boodschapen en is zeer actief geëngageerd in het sociaal leven. We zien hoe hij zelf op café ‘rolt’ met een kameraad, hoewel ze wel de nodige ‘plankjes’ moeten leggen vooraleer hij erin geraakt. Uit de film blijkt ook dat hij ook met de computer & virtueel zijn mannetje kan staan. Voor wie enkel afgaat op communicatie & uitzicht, heeft ‘t wellicht niet gemakkelijk met Bart. Hij kan immers niet spreken en trekt de meest gekke bekken. Bovendien is zijn rolstoel getooid met een enorme vlag achterin. Een teken van vrijheid misschien.
Didier zien we aan ‘t werk in de keuken. Na een te stressvol leven in de beschutte werkplaats, is hij als vrijwilliger aan de slag. Hij doet het duidelijk erg graag. Maar we zien hem vooral in het buurtwerk actief.
Net zoals Bart heeft hij veel contact met de lokale gemeenschap, met de buurt en met het netwerk dat hem neemt zoals hij is, als persoon. Bart heeft vergelijkbare beperkingen, maar werkt in een kleine supermarkt en doet licht administratief werk in een kleine onderneming.
Wat ik van Bart onthoudt, is zijn toneelspel en dat hij af en toe graag een pintje gaat drinken met vrienden bij het voetbal. Bart woont in een klein dorp, waar zijn ouders en vooral hijzelf goed ingeburgerd zijn. Dat geeft zijn ouders heel wat vertrouwen dat hun zoon niet buiten zijn grenzen zal gaan, hoewel ze aanvankelijk daar duidelijk moeite mee hadden.
In het verhaal van Mina is de omgeving heel anders. Mina beweegt zich net als haar vriend met een rolstoel door het leven. Ze is erg creatief, tekent en schrijft. Ook hier is enig grensverleggend denken nodig om door Mina’s uiterlijke vertoning te kijken en haar mogelijkheden te zien. Wie zich niet blindstaart op de hulpmiddelen en de morfologie, ziet de echte Mina. Dat is ook bij Rosalie het geval.
Wat kwaliteit van leven betekent …
‘Zo zijn onze manieren’ betekent zoveel als ‘zo zijn wij’ of ‘zo doen wij het nu eenmaal’. De, overigens knap gemaakte film, is dan ook bedoeld als aanzet tot een gesprek over kwaliteit van leven bij mensen met een handicap. Op basis van een aantal vragen komt een gesprek tussen vrijwel gelijkgestemden op gang.
Kwaliteit van bestaan heeft te maken met deelname aan de samenleving. Niet alleen mensen met een handicap hebben daarvoor ondersteuning nodig. Wanneer een partner thuiskomt van het werk, en een andere het eten heeft klaargemaakt, is dat ook ondersteuning. ‘Valide’ mensen zijn soms meer ‘gehandicapt’ dan personen met een handicap.
Kwaliteit van bestaan heeft ook te maken met vertrouwen in de mogelijkheden van mensen en hen toestaan en kansen laten te groeien, hun gaven te ontwikkelen. Waardering krijgen doet goed, waardering geven ook. Buitenkomen is belangrijk, elk op zijn eigen manier.
Een derde element van kwaliteit van bestaan, volgens de film, is respect voor de keuzes die elk in zijn eigen levensproject maakt. Aanzien, eerbied en waardering zijn belangrijk, ook en vooral voor mensen met een handicap. Mensen zonder handicap hebben ‘t soms moeilijk respect te tonen. Dat kan nochtans door woorden en gedrag. Het is mogelijk dat te laten zien, voor iedereen, met de nodige ondersteuning. Wie een probleem heeft met een ander, moet die ander daarvoor direct en persoonlijk aanspreken, niet via tussenpersonen of achter de rug.
Als vierde is kwaliteit van leven misschien ook verbondenheid, in relaties. Het sociale element. Een mens leeft nu eenmaal niet alleen. Verbondenheid hoeft niet te knuffelig worden, het is vooral vertrouwen, een netwerk van mensen opbouwen waarop je kan rekenen.
En tenslotte is het ook overzicht krijgen over je leven en keuzes, weten dat je kan kiezen wie je ondersteunt in de uitbouw van je leven waarvan jezelf de richting kiest. Iedereen kan in zekere mate keuzes maken welke richting hij of zij uit wil. Zeker mensen met een handicap hebben een eigen opinie en mening waar ze heen willen.
Een panelgesprek …
Dat is dus het uitgangspunt van een panelgesprek tussen de aanwezige mensen met een handicap en ouders, over kwaliteit van leven. Voorafgegaan door een kleine maar interessante uiteenzetting door een aantal mensen van het VPGH.
Het panelgesprek wordt gevoerd op basis van enkele vragen, zoals wat kwaliteit van leven voor mensen met een handicap betekent, wat de minister van Welzijn zou moeten weten, welke ondersteuning minimaal zou aanwezig moeten zijn, en of mensen met een handicap voldoende gerespecteerd worden.
Tot slot
Na een pittig gesprek wordt duidelijk dat zelfbeschikking en ondersteuning door het netwerk heel belangrijk blijven. Wat de minister vooral moest weten, was de nodige prioriteit besteden aan de invoering van persoonsgebonden budget en het bevorderen van persoonlijk assistentiebudget, alsook de verbetering van inclusie en zo stressloos mogelijke bruikbaarheid van openbare diensten en vervoer voor alle mensen met een handicap.
Een interessante middag dus, ondanks het zwoele weer, die afgesloten werd met een drankje en een hapje.
Posted by Hindrick Veronique on juni 30, 2009 at 8:10 pm
Dag Martijn
Wat een mooie weergave van de namiddag. Vlot en toegankelijk geschreven. Proficiat Martijn en doe zo verder.
Posted by Tim Claerhout on juli 1, 2009 at 9:10 am
merci Martijn voor de mooie woorden hierboven, de fijne babbels van zaterdag, je enthousiasme, …
ik wens je een mooie zomer aant zeetje…